Home Blogs Acco Learn Ze was pas 14

Ze was pas 14

Heel bleek, gekleed in een zwarte jurk met een hoofddoek half over het hoofd en met veel angst in haar ogen. “Wat is er gebeurd? Wat is er met haar gebeurd?”, vroeg ik. “Dit is zijn nieuwe slaaf”, antwoordde mijn man wijzend naar zijn vriend. “Hij heeft haar als geschenk gekregen.” “Slaaf? Hoe kan je iemand slaaf noemen terwijl ze erbij staat? Dit is geen slaaf. Dit is een kind”, flitste het door mijn hoofd. Ik schaamde me voor wat er werd gezegd. Hij beval haar met me mee te gaan naar de kamer. Ik wist niet wat ik haar moest zeggen. Ik was te bezorgd. Ze was zo angstig, zo jong en helemaal alleen op een doodvreemde plaats. Haar lichaam beefde en ze staarde verlegen naar de grond. Ik ging naast haar op het bed zitten.

Leila was haar naam. Ze kwam van Sinjar in Noordwest-Irak en behoorde tot de Koerdische Jezidi-gemeenschap. Ze had twee broers en drie zussen. Ze dacht dat haar broers in trainingskampen zaten. Haar zussen raakte ze kwijt. Ze dacht dat ze nog in de gevangenis zaten of dat ook zij aan mannen werden verkocht. Ik voelde me schuldig want ook mijn man behoorde tot dit soort mannen. Langzaamaan begon ze haar verhaal te vertellen: “We zaten thuis en plots boem. IS kwam het dorp binnen. Paniek! Iedereen liep weg. We maakten ons klaar om weg te lopen, maar ze stonden al voor de deur.” Toen ze dit vertelde, verkrampte mijn lichaam. “Neen, meisje toch, neen!” Ik voelde me zo schuldig. Mijn man was een van hen. Ze vervolgde: “We moesten meegaan en alles achterlaten. De mannen en vrouwen werden gescheiden. Mijn papa en mijn broers werden meegenomen. Mijn moeder was aan het roepen. Mijn vader keek zo bezorgd. Iedereen was aan het huilen en in paniek. We werden met de vrouwen meegenomen.” Het was de laatste keer dat ze haar broers en vader had gezien. Later hoorde ze dat haar vader en alle oudere mannen werden gedood.

Leila werd met haar moeder en zussen naar een gevangenis in Mosul gebracht. Daar werden ze gescheiden volgens leeftijd en schoonheid. Leila kwam terecht in een groep vrouwen die naar Raqqa werden gebracht. In Raqqa werd ze opgesloten in een overvolle vrouwengevangenis waar ze enkele maanden verbleef tot een man uit Saudi-Arabië langskwam om een vrouw te kopen: “Ik moest eerst met hem meegaan naar een kamer en me uitkleden, zodat hij me helemaal kon bekijken of alles in orde was. Daarna heeft hij me meegenomen.” Ze werd nadien nog een paar keer doorverkocht aan andere mannen om uiteindelijk te worden geschonken aan de vriend van mijn man. Ik schaamde me dood. Ik kreeg echt hartpijn: “Dit kan toch niet. Zulke jonge meisjes.” Ze zat op het bed te snikken. Ik begon met haar mee te huilen en probeerde haar voorzichtig te troosten.

Zijn vriend liet haar in ons huis wonen. Telkens wanneer hij terugkeerde van het front, kwam hij langs om haar seksueel te gebruiken. In het begin was ze bang voor mij. Ze was erg op haar hoede. Ze dacht dat ik haar zou bevelen: “Ga koken. Ga wassen. Ga dit doen, ga dat doen.” Ze verwachtte dat ik haar zou gebruiken als slaaf. Ik heb haar direct propere kleren gegeven en gezegd dat ze haar mocht gaan douchen, maar dat weigerde ze. “Wij douchen ons niet om vies te blijven, zodat die mannen niet aan ons komen”, zei ze. Leila haar lievelingsprogramma op tv was Tom & Jerry en ze hield ervan te spelen met mijn pasgeboren dochter. Wanneer mijn man en zijn vriend er waren, gedroeg ze zich als een robot. Ze durfde niets te doen en deed onmiddellijk alles wat mijn man of zijn vriend haar bevolen. Mijn man en zijn vriend vonden dit normaal en heel leuk. Het waren toch maar slaven, alsof dit geen mensen zijn. Het was voortdurend “Leila, doe dit” en “Leila, doe dat”. Soms werd het me te veel en dan deed ik het in haar plaats. Dat maakte hem razend. Op een keer sloeg hij een volle kop koffie stuk in mijn gezicht. Het was Leila, niet ik, die de kop koffie moest brengen. Zij was de slaaf en zij moest het doen. Ik nam het niet langer. Ook al sloeg hij me telkens opnieuw totaal in elkaar. Ik nam het niet dat ze van een gewoon meisje een dienaar maakten met wie ze alles konden doen.

Geregeld kwam de vriend van mijn man haar halen; dan weigerde ze tevergeefs om mee te gaan. Ze beefde en huilde. Op een avond besloot hij haar te verkrachten in haar eigen kamer. We zaten samen in de salon toen hij Leila vroeg mee te gaan naar de kamer. Ik dacht: ga maar; hij zal je niet in mijn huis verkrachten. Tien minuten later hoorde ik de muren bonken, het gebonk van hoe hij haar tegen de muren sloeg. Ik hoorde hoe hij haar mond dichtkneep om het roepen te dempen. Gebonk, geroep, stampen… Het was zoals een gevecht. Ik dacht dat ik ontplofte: “Niet bij mij. Niet in mijn huis!” Ik liep naar de kamer en klopte op de deur. Het kon hem niet schelen, hij deed gewoon verder. Die mannen waren zo walgelijk, ze hadden geen respect, ze waren barbaars. Mijn man trok me weg, sleurde me naar de kamer en gooide me op het bed: “Het zijn je zaken niet. Hou je mond. Je hebt hier niets mee te maken.”

Ik heb die nacht niet geslapen. Ik had haar die avond niet meer gezien. Leila mocht niet uit haar kamer komen tot de volgende ochtend toen ze weg waren. Ze kwam verlegen en beschaamd de keuken binnen met haar hoofd naar beneden. Ik keek naar haar. Haar gezicht en mond waren opgezwollen. Haar lippen zagen paars. Overal had ze blauwe plekken. Ze kwam huilend naar me toe en viel in mijn armen. Ik probeerde haar overeind te houden en te troosten. Ik zei haar dat ze voortaan in mijn kamer mocht slapen. Sindsdien sliepen we dicht tegen elkaar in hetzelfde bed, telkens wanneer de monsters er niet waren. Leila was echt klein. Het was echt een klein meisje. Ze was voor mij een kleine zus geworden.

De mishandeling en pesterijen stopten maar niet. Wanneer ze met de Belgische en Franse mannen samenzaten, werd ze naar binnen geroepen. Ze moest haar borsten tonen en zich helemaal uitkleden. Ik hoorde hoe ze haar uitlachten en vernederden. Je kon als vrouw niets doen. Je kon nergens heen. Ik voelde me machteloos. Leila vroeg me eens waarom zij zo werd gepest en behandeld en niet ik: “Omdat ik zogezegd moslima ben en jij als Jezidi de duivel aanbidt.” Terwijl ik antwoordde, besefte ik: “Leila, je moet gewoon moslima worden.” “Maar ik ben geen moslima en wil het ook niet worden”, antwoordde ze. “Doe gewoon alsof, leer bidden en leer je gedragen volgens de regels, dan mogen ze je dit niet meer aandoen. Gelovigen mogen ze zo niet behandelen.” Vanaf dan begonnen we samen de Koran te lezen. Ik leerde haar eerst de Sjahada, de eerste zuil van de islam die getuigt dat er maar één god is en dat is Allah, en Mohamed is zijn profeet. Ik leerde haar de vier volgende zuilen van de islam: bidden, vasten, de pelgrimstocht naar Mekka en het geven van aalmoezen. Ik leerde haar ‘Al hamdoulilah irabi el3almeen’ en alle volgende verzen van het gebed. Ik leerde haar hoe ze zich moest zuiveren voor het gebed en hoe ze zuiver kon leven. Ze leerde het allemaal tot in detail. Weken en weken heeft het geduurd. Toen mijn man terugkwam, zag hij haar bidden en in de Koran lezen. Ik zei hem dat Leila ervoor had gekozen om moslima te worden en dat ik haar alles aan het leren was. Hij ging haar ondervragen en stond versteld van haar kennis over de islam. Hij contacteerde zijn vriend om te melden dat er een probleem was: “Die Leila, die bidt en is bekeerd.” Ook zijn vriend kwam haar ondervragen en moest vaststellen hoe grondig ze de islam kende. Hoe dan ook hield het hem niet tegen om haar te blijven verkrachten. Toen Leila hem begon aan te sporen om tijdig te bidden en zich te gedragen als goede moslim naar haar toe, raakte hij in de war en kreeg hij het moeilijk. Hij verdween voor een paar weken. Toen hij terugkwam, werd Leila naar de salon geroepen waar een bijeenkomst van meerdere mannen plaatsvond. Ik hoorde vanachter de deur dat een van hen zei dat ze voortaan een zuster was en dat ze vrij was. Ze kon het niet geloven. Van slaaf en gebruikte vrouw tot: “Ik ben vrij!” Toen ze weg waren, schreeuwden we het samen uit.